Wie door de groene valleien van Bhutan reist, ziet ze al van grote afstond liggen: de Dzongs, indrukwekkende, witgekalkte burchten met hun roodbruine daken. Voor Bhutanezen is een Dzong veel meer dan een imposant bouwwerk. Het is het centrum van hun cultuur, een plek waar het dagelijks bestuurd en het spirituele leven al eeuwenlang samenkomen.
Dzongs zijn traditionele Bhutanese forten, die in de 17e eeuw verspreid over het land werden gebouwd als verdediging tegen dreigende aanvallen vanuit Tibet. Ze werden strategisch gebouwd op heuvelruggen of bij de samenvloeiing van rivieren om de valleien te beschermen. Ze zijn op een bijzondere manier gebouwd en versierd met traditioneel Bhutaans houtsnijwerk en verfijnde kunst. De Dzongs hebben in de loop der jaren vele doelen gediend. Veel waren oorspronkelijk boeddhistische tempels voordat ze werden omgebouwd tot forten en bastions. Tegenwoordig zijn het voornamelijk administratieve kantoren en religieuze residenties, maar ook de thuisbasis van musea en culturele podia. Wat ze zo uniek maakt, is dat een Dzong drie essentiële functies verenigt in één bouwwerk:
Wist je dat de Dzongs van Bhutan traditioneel werd gebouwd zonder gebruik te maken van spijkers of zelfs maar een bouwtekening? De architectuur werd geleid door spirituele visioenen van hoge lama's (boeddhistische meesters). Het resultaat is een indrukwekkend samenspel van steen, klei en hout, waarbij de Dzong in harmonie opgaat in het omringende landschap.
Hoewel elke vallei zijn eigen Dzong heeft, zijn er een paar die je tijdens je rondreis door Bhutan absoluut niet mag missen:
Gelegen op het punt waar de 'vaderrivier' en de 'moederrivier' samenkomen, is de Punakha Dzong volgens velen de meest indrukwekkende. Gebouwd in 1637, was het de voormalige zetel van de regering. Het is nog steeds de winterresidentie van de Je Khenpo (Bhutaanse religieuze leider). Vooral in het voorjaar, wanneer de jacaranda-bomen rondom de burcht in prachtig paars bloeien, is het plaatje sprookjesachtig. Lees alles over de Punakha Dzong.
Leuk om te weten: in deze Dzong vindt jaarlijks het Punakha Tshechu festival plaats.
Voor veel reizigers is deze Dzong de eerste kennismaking met de bijzondere cultuur van Bhutan. Gelegen nabij het vliegveld van Paro, zie je deze imposante vesting al liggen zodra je het vliegtuig uitstapt. De naam betekent letterlijk 'fort van juwelenstapels', en als je over de traditionele houten brug richting de ingang wandelt, begrijp je direct waarom. De muren zijn versierd met fijn houtsnijwerk en kleurrijke fresco's die boeddhistische legenden vertellen. De houten brug die naar de Dzong leidt, is een van de meeste gefotografeerde plekken van het land.
Dit is de grootste Dzong van Bhutan, die strategisch is boven een diepe kloof en was historisch gezien de controlepost voor iedereen die van west naar oost reisde. Het is oorspronkelijk in 1543 gebouwd, maar later is het uitgebreid en een architectonisch meesterwerk geworden met vele binnenplaatsen en tempels.
Een bezoek aan een Dzong vraagt om een respectvolle houding, iets waar onze lokale gidsen je graag bij willen helpen. Denk aan bedekte kleding en een ingetogen looppas in de tempelruimtes. Op zoek naar inspiratie voor een rondreis Bhutan? Lees hier mijn reisverslag Bhutan.